Inhoudstabel

Hoe werkt een vaccin tegen het coronavirus?  

Het belangrijkste bestanddeel van een vaccin zijn antigenen die afkomstig zijn van het virus. Bij het coronavirus gaat het om het spike-eiwit. Die antigenen zijn lichaamsvreemde stoffen. Wanneer het lichaam erdoor aangevallen wordt, laat het zijn immuunsysteem reageren door specifieke antistoffen te produceren en bepaalde afweercellen te activeren (B-lymfocyten of geheugen-T-lymfocyten), zonder de ziekte te veroorzaken. 

Het immuunsysteem van een gevaccineerde persoon zal die antigenen onthouden. Als die persoon later opnieuw blootgesteld wordt aan het virus, herkent zijn immuunsysteem (dat eerder door de antigenen in het vaccin werd geactiveerd) het sneller. Dankzij de antistoffen wordt het virus geneutraliseerd voordat de ziekte zich ontwikkelt. De gevaccineerde persoon blijft beschermd tegen de ziekte voor een periode die – afhankelijk van het vaccin en het vaccinatieschema – varieert van enkele maanden tot enkele jaren, of zelfs voor het leven. Dat noemen we het “immunologisch geheugen”. 

Raadpleeg voor meer informatie de infographic Hoe werkt een coronavirus en hoe werkt een coronavaccin? 

Hoe werken de verschillende types coronavaccins precies? 

mRNA-vaccins (Pfizer, Moderna)  

Messenger-RNA (mRNA) is een stukje genetisch materiaal. Dat is eigenlijk het recept waarmee de cellen van ons lichaam het antigeen van het virus zelf kunnen aanmaken (zonder rechtstreeks in contact te komen met het virus), om vervolgens immuun te worden voor dat antigeen. Wanneer ons lichaam later in contact komt met het echte virus, zal het dat antigeen herkennen en het immuunsysteem activeren om ons te verdedigen tegen het virus. Het mRNA wordt binnen 24 à 48 uur uitgescheiden uit het lichaam en het antigeen dat met het mRNA werd aangemaakt, wordt afgebroken door de immuuncellen van ons lichaam. Geen enkel bestanddeel van het vaccin blijft dus achter in ons lichaam. Enkel de beschermende afweercellen die zich dankzij het vaccin hebben ontwikkeld, blijven achter. 

Subunit-eiwitvaccins (Novavax)  

Dit vaccin bevat geen intacte of volledige virusdeeltjes, maar een of meer gezuiverde of semigezuiverde eiwitten waaruit de andere viruscomponenten verwijderd zijn. Het bevat kleine partikels die het spike-eiwit van het coronavirus nabootsen, waartegen het lichaam antistoffen aanmaakt. Dit is een traditionele techniek die vergelijkbaar is met die voor de vaccins tegen hepatitis B, kinkhoest, tetanus, pneumokokken, Japanse encefalitis, hondsdolheid en sommige griepvaccins. 

Viralevectorvaccins (AstraZeneca, Johnson & Johnson) 

Het antigeen van het coronavirus, het spike-eiwit, wordt toegediend via een andere bacterie of een ander virus dat onschadelijk is voor het lichaam. Ons immuunsysteem zal dat virus aanvallen en afbreken. Tegelijkertijd zal het ook het spike-eiwit aanvallen en daar specifieke antistoffen voor aanmaken, die het lichaam zullen beschermen bij een latere blootstelling aan het coronavirus. 

Kunnen mRNA-vaccins mijn DNA veranderen? 

Nee, mRNA-vaccins worden intramusculair toegediend en het mRNA wordt opgenomen door een aantal lichaamscellen. Het mRNA zorgt ervoor dat lichaamscellen eiwitten kunnen aanmaken. Normaal gezien dringt het mRNA de celkern binnen om een deel van het DNA te kopiëren, zodat de cel op basis van die informatie het eiwit kan aanmaken. Bij de mRNA-vaccins wordt het mRNA toegediend met een reeds gemaakte kopie.  Het mRNA dringt dus niet door in de celkern en kan niet in contact komen met het menselijk DNA. De lichaamscel kan de code ontcijferen zonder dat zijn DNA hoeft tussen te komen. Na de ontcijfering zal de lichaamscel het spike-eiwit aanmaken, zodat het immuunsysteem specifieke antistoffen voor dat spike-eiwit kan aanmaken. Het mRNA verdwijnt al na een paar uur uit het lichaam. 

Wat zit er in het vaccin? 

De samenvatting van de productkenmerken en de bestanddelen van de COVID-19-vaccins kan je raadplegen op www.bcfi.be of op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau. Op de website van Unicef vind je ook een uitgebreide lijst van de verschillende bestanddelen die kunnen voorkomen in vaccins. 

Hoe komt het dat de COVID-19-vaccins zo snel ontwikkeld werden, terwijl dat normaal meerdere jaren duurt? 

Er zijn verschillende redenen waarom de COVID-19-vaccins zo snel ontwikkeld konden worden. Ten eerste zijn we niet vanaf nul begonnen. COVID-19 is weliswaar een nieuwe ziekte, maar ze behoort tot de familie van de coronavirussen. In het verleden waren er al uitbraken van SARS-CoV en MERS-CoV. Er was dus al kennis beschikbaar. Hoewel de vaccins van Pfizer en Moderna de eerste vaccins zijn die de mRNA-vaccintechnologie gebruiken, wordt al vele jaren onderzoek gedaan naar mRNA-vaccins voor ziekten zoals zikakoorts en bepaalde vormen van kanker. Ten tweede heeft de wereldwijde gezondheidscrisis ertoe geleid dat de overheden en de privésector veel financiële middelen en personeel ter beschikking hebben gesteld om zo snel mogelijk een vaccin te vinden. Tot slot is het tijdens een pandemie veel makkelijker om mensen te vinden voor klinische proeven. Ook werden sommige fasen van die klinische proeven gelijktijdig uitgevoerd om tijd te winnen. Op de website van Unicef vind je een video met meer uitleg. 

De COVID-19-vaccins hebben echter precies dezelfde procedure doorlopen als alle andere vaccins voordat ze op de markt werden toegelaten: hetzelfde aantal testfasen, hetzelfde aantal deelnemers aan de klinische proeven en dezelfde veiligheidscontroles.  

Welke vaccins zijn er beschikbaar? Wie kan zich laten vaccineren tegen het coronavirus en en is het gratis? 

Iedereen die minstens vijf jaar oud is, in België gedomicilieerd is en een rijksregisternummer of BIS-nummer heeft, kan zich laten vaccineren. Voor personen die deze criteria mogelijk niet vervullen (daklozen, transmigranten, mensen zonder papieren, enz.) zijn specifieke oplossingen uitgewerkt met betrouwbare actoren die met die bevolkingsgroepen werken. Personen in een situatie van bestaansonzekerheid, mensen zonder vaste verblijfplaats of zonder INSZ kunnen zich ook laten vaccineren in de vaccinatiecentra. Het vaccinatiecentrum Pacheco is het referentiecentrum voor die doelgroep. Deze personen kunnen zonder afspraak naar de vaccinatiecentra gaan. Daar wordt een BIS-nummer aangemaakt, zonder dat ze een verblijfplaats hoeven op te geven. 

Momenteel gebruiken de vaccinatiepunten de mRNA-vaccins van Pfizer en Pfizer Pediatric voor de primovaccinatie en Pfizer bivalent aangepast (Comirnaty Original/Omicron BA.1). 

Het COVID-19-vaccin is gratis. Vaccinatie wordt sterk aanbevolen, maar is niet verplicht

Hoeveel tijd zit er minimaal tussen de eerste twee afspraken (eerste en tweede dosis)?  

Dat hangt af van het vaccin: 

  • Pfizer: 21 dagen; 
  • Pfizer Pediatric: 21 dagen; 
  • Moderna: 28 dagen; 
  • Novavax: 21 dagen. 

Deze termijnen worden aanbevolen omdat ze overeenkomen met de periode waarin de meest efficiënte reactie op het vaccin werd waargenomen. Personen die om welke reden dan ook de aanbevolen termijn niet kunnen naleven en die overschrijden, hoeven het vaccinatieschema echter niet te herhalen. Het is dan de bedoeling het vaccinatieschema zo snel mogelijk te vervolledigen door de tweede dosis toe te dienen. 

Waarom zijn er verschillende vaccins op de markt? 

Er zijn verschillende vaccins omdat meerdere farmaceutische bedrijven in de wereld geprobeerd hebben het best mogelijke vaccin te leveren. Over het algemeen zijn alle vaccins ongeveer gelijkwaardig op het vlak van werkzaamheid. In België zijn ze allemaal wetenschappelijk goedgekeurd door het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) en de Hoge Gezondheidsraad (HGR). 

Hoelang duurt de bescherming door een vaccinatie? 

Zoals bij elk vaccin daalt de bescherming die COVID-19-vaccins bieden in de loop van de tijd. Omdat het onderzoek nog loopt, weten we nog niet precies hoelang de bescherming door de COVID-19-vaccins duurt, maar uit de huidige gegevens blijkt dat de meeste mensen ten minste zes maanden beter beschermd zijn tegen ernstige vormen van COVID-19. Een boosterdosis wordt aanbevolen zodra men van oordeel is dat de persoon niet langer voldoende immuun is tegen de ziekte. 

De immuniteit door vaccinatie kan sneller afnemen bij 65-plussers en personen met onderliggende medische aandoeningen. 

Om je te beschermen tegen COVID-19, wordt aangeraden je te laten vaccineren volgens de aanbevelingen en de beschermingsmaatregelen te blijven naleven. 

Wat is een variant en zijn de huidige vaccins werkzaam tegen nieuwe varianten? 

Een variant is een virusgenoom (genetische code) dat een of meer mutaties kan bevatten. Het is in feite een nieuwe vorm van de ziekte, met andere kenmerken. Het virus gebruikt onze cellen om zich te vermenigvuldigen. Bij die vermenigvuldiging treedt soms een fout op in de kopie, waardoor de kenmerken van het virus veranderen. Dat wordt een variant genoemd. Door die kopieerfout kan het gedrag van het virus ongewijzigd blijven (meest voorkomend), verzwakt worden of helaas versterkt worden. Dat was het geval met de deltavariant en de omikronvariant, die respectievelijk agressiever waren op het vlak van symptomen en besmettelijkheid.   

Daarom wordt voortdurend klinisch onderzoek verricht naar de ontwikkeling van vaccins voor de nieuwe varianten. Deze vaccins ondergaan zeer specifieke ontwikkelingsfasen om er onder meer voor te zorgen dat ze doeltreffend zijn en om hun veiligheid vast te stellen. Dit proces kost tijd. Pfizer en Moderna hebben een nieuw aangepast bivalent Original/Omicron BA.1-vaccin uitgebracht dat de immuniteit tegen de verschillende Omicron-varianten versterkt. Deze vaccins zijn op 1 september 2022 door het Europees Geneesmiddelenagentschap gevalideerd. Momenteel is in België alleen het vaccin Comirnaty Original/Omicron BA.1 van Pfizer verkrijgbaar.

Vaccinatie blijft belangrijk om de viruscirculatie en de mogelijke ontwikkeling te beperken van nieuwe varianten die gevaarlijker zijn voor de mens. Want hoe meer een virus circuleert, hoe meer het virus zich vermenigvuldigt en hoe groter de kans dat een nieuwe variant ontstaat. Uit de huidige gegevens blijkt ook dat personen die een boosterdosis hebben gekregen beter beschermd zijn tegen het virus en zijn varianten dan anderen.  

Hoe zit het met de ontwikkeling van antivirale geneesmiddelen? 

Ze zijn een extra wapen in de pandemie, maar: 

  • ze zijn duur; 
  • ze moeten snel worden ingenomen (max. vijf dagen na het begin van de symptomen);
  • we weten nog weinig over hun bijwerkingen. 

Die elementen zijn bepalend voor de toegang tot en het gebruik van antivirale geneesmiddelen. Vaccinatie blijft de beste strategie voor de volksgezondheid en de individuele gezondheid. 

Wat zijn de bijwerkingen van de COVID-19-vaccins? Hebben risicopatiënten een hoger risico op bijwerkingen? 

Zoals elk vaccin kunnen de COVID-19-vaccins bij sommige mensen milde tot matige bijwerkingen veroorzaken. Dat is normaal, want het wijst erop dat het lichaam immuniteit ontwikkelt. Bijwerkingen van COVID-19-vaccins zijn met name koorts, vermoeidheid, hoofdpijn, spierpijn, koude rillingen, diarree en pijn of roodheid op de injectieplaats. Sommige mensen zullen geen enkele bijwerking ondervinden. De meeste bijwerkingen verdwijnen binnen enkele dagen (bron: Wereldgezondheidsorganisatie). 

Een allergische reactie (netelkoorts, ademhalingsproblemen, enz.) is ook mogelijk als je allergisch bent voor een van de bestanddelen van het vaccin. Dat is echter zeer zeldzaam (11/1.000.000). Dat risico is hetzelfde bij andere vaccins (tetanus, rodehond, enz.). We wijzen erop dat dergelijke ernstige bijwerkingen zich in minder dan 0,5% van de gevallen voordoen en vaak geen blijvende gevolgen hebben als ze snel en correct behandeld worden. Daarom staan de vaccinatiecentra onder medisch toezicht en beschikken ze over het benodigde materiaal. 

Er is geen enkele aanwijzing dat zeldzame bijwerkingen vaker voorkomen bij bepaalde risicopatiënten. 

Het FAGG publiceert regelmatig een cumulatief overzicht van de bijwerkingen die gemeld werden na de toediening van COVID-19-vaccins in België. Dat overzicht bevat alle gerapporteerde mogelijke bijwerkingen, die geanalyseerd worden om na te gaan of er daadwerkelijk een verband is met de vaccinatie. Het is toegankelijk op de overzichtspagina van het FAGG. 

Wat als ik bijwerkingen heb? 

In geval van bijwerkingen: rust, drink veel (geen alcohol) en neem zo nodig medicatie tegen pijn en koorts. 

Als je ongerust bent omdat de bijwerkingen abnormaal lijken, als de pijn op de injectieplaats in je arm na 24 uur erger wordt, of als de bijwerkingen niet binnen enkele dagen verdwenen zijn, neem dan contact op met je arts voor advies. 

Ernstige of langdurige bijwerkingen van COVID-19-vaccins zijn mogelijk, maar zijn uiterst zeldzaam. Als je last hebt van ademhalingsproblemen, pijn op de borst, verwardheid, verlies van spraak of mobiliteit na je vaccinatie, neem dan onmiddellijk contact op met je arts. Vaccins worden voortdurend gecontroleerd zolang ze in gebruik zijn, zodat zeldzame bijwerkingen kunnen worden opgespoord en passende maatregelen kunnen worden genomen (bron: Wereldgezondheidsorganisatie). 

Als je na de vaccinatie bijwerkingen ondervindt die niet in de bijsluiter vermeld zijn, kan je dat melden aan het FAGG via www.eenbijwerkingmelden.be of via je huisarts of zorgverlener. 

De deskundigen van het FAGG verzamelen alle relevante gegevens die noodzakelijk zijn om de gemelde bijwerkingen te onderzoeken. Alle meldingen worden geregistreerd in de geneesmiddelenbewakingsdatabank van het Europees Geneesmiddelenbureau (EudraVigilance) en in de databank van de Wereldgezondheidsorganisatie (VigiBase), wat een meer globale analyse mogelijk maakt. Door op grote schaal gegevens te verzamelen, kunnen mogelijke signalen sneller worden ontdekt. 

Wat als ik me niet mag laten vaccineren? 

Een absolute contra-indicatie voor vaccinatie is zeer zeldzaam en heeft te maken met een allergie voor het vaccin of een van de bestanddelen ervan. Je neemt best contact op met je huisarts, die je zal doorverwijzen naar een allergoloog (arts gespecialiseerd in allergieën). Op basis van een check-up bepaalt de allergoloog of je je kan laten vaccineren met bepaalde voorzorgsmaatregelen, of dat je niet in aanmerking komt voor vaccinatie. Als dat het geval is, bezorgt de allergoloog je een attest waarmee je naar de adviserend arts van je ziekenfonds moet gaan. Zo kan je gedurende een (hernieuwbare) periode van één jaar een terugbetaling krijgen voor je PCR-tests of antigeentests.    

Als ik onlangs COVID-19 heb gehad of als ik nog een geldig herstelcertificaat heb, moet ik me dan toch nog laten vaccineren?  

Vaccinatie wordt altijd aanbevolen, ook voor personen die al COVID-19 hebben gehad. We weten dat je opnieuw besmet kan raken. Ook voor personen die al eerder besmet waren met COVID-19is het aanbevolen zich te laten vaccineren. Het vaccin biedt een stabielere en langere bescherming dan een besmetting met de ziekte. 

Wetenschappelijke studies hebben zich gebogen over personen die gevaccineerd werden met één dosis nadat ze eerder besmet waren. Uit de resultaten blijkt dat de immuunrespons (antistoffen en cellulaire immuniteit) vergelijkbaar is met die van niet-besmette personen na een vaccinatieschema met twee dosissen. Er zijn echter weinig gegevens over hoelang de beschermende immuniteit blijft op lange termijn. Bovendien kan op basis van de laboratoriumgegevens niet worden beoordeeld hoe het lichaam zal reageren als het met het virus wordt besmet: zal de persoon symptomen vertonen, (mild of ernstig) ziek worden? Door al die onduidelijkheden in de wetenschappelijke gegevens moet uit voorzorg een vaccinatieschema met twee dosissen gevolgd worden, zoals toegestaan door het Europees Geneesmiddelenbureau, in het bijzonder voor personen die het meest risico lopen op een ernstig ziekteverloop na een COVID-19-besmetting (ECDC, juli 2021, https://www.ecdc.europa.eu/en/publications-data/partial-covid-19-vaccination-summary). 

Bovendien heeft een vaccinatiecertificaat een langere geldigheidsduur (270 dagen voor de eerste vaccinatie en een jaar voor een booster) dan een herstelcertificaat (zes maanden). 

Ik had onlangs een COVID-19-besmetting of een hoogrisicocontact. Wanneer kan ik me laten vaccineren? 

Als je onlangs besmet was met COVID-19, kan je de boosterdosis in de volgende termijnen krijgen: 

  • 14 dagen na de dag waarop je positief testte, als je geen symptomen had; 
  • 14 dagen nadat het laatste symptoom van COVID-19 verdween. 

Als je een hoogrisicocontact had, kan je de boosterdosis vier dagen na het hoogrisicocontact krijgen als je geen symptomen had. 

Kan de COVID-19-vaccinatie ervoor zorgen dat mijn PCR-test of antigeentest positief is? 

De COVID-19-vaccins bevatten geen levende verzwakte of geïnactiveerde virussen. Daarom kunnen ze je de ziekte niet overdragen. Als je na je vaccinatie COVID-19-symptomen vertoont of een positieve PCR-test of snelle antigeentest hebt, liep je mogelijk een besmetting op in de dagen voor je vaccinatie. Als je positief test, zelfs na je vaccinatie, moet je de isolatiemaatregelen volgen. 

Kan ik me gelijktijdig laten vaccineren tegen de griep en COVID-19? Kunnen de interacties tussen de verschillende vaccins voor problemen zorgen? 

Naar aanleiding van het advies van de Hoge Gezondheidsraad en op basis van de huidige wetenschappelijke kennis, wordt gesteld dat er geen minimuminterval moet worden nageleefd tussen het COVID-19-vaccin (of een boosterdosis ervan) en de toediening van eender welk niet-levend vaccin. Vanuit een wetenschappelijk standpunt kunnen beide vaccins dus op hetzelfde moment aan dezelfde persoon worden toegediend. 

Vanaf midden oktober kunnen mensen die deze vaccinatie willen, hun eigen griepvaccin meebrengen. Dat vaccin zal in de linkerarm worden toegediend.  Het COVID-19-vaccin zal in de andere arm worden toegediend. Als de patiënt niet gelijktijdig gevaccineerd wil worden, is het aanbevolen voorrang te geven aan het COVID-19-vaccin. En voor mensen die risico lopen op complicaties als gevolg van een COVID-19-infectie, wordt aanbevolen dat zij de COVID-19 herfstbooster al vanaf 12 september nemen en niet wachten tot half oktober voor hun griepprik.

Ik ben zwanger of ik geef borstvoeding. Mag ik me laten vaccineren? 

Op basis van de wetenschappelijke gegevens en de meest recente aanbevelingen heeft de Hoge Gezondheidsraad besloten dat alle zwangere vrouwen idealiter moeten worden gevaccineerd. De reden hiervoor is dat ze een verhoogd risico lopen op een ernstige vorm van COVID-19 en vroeggeboorte. De mRNA-vaccins tegen COVID-19 die momenteel beschikbaar zijn (Pfizer en Moderna) kunnen veilig aan zwangere vrouwen worden toegediend. De vaccinatie kan in het eerste, tweede of derde trimester worden aangeboden zonder gevolgen te hebben voor de ontwikkeling van het embryo of de foetus. Een COVID-19-besmetting, daarentegen, tast zowel de gezondheid van de moeder als de ontwikkeling van de foetus aan, aangezien zwangere vrouwen vatbaarder zijn voor luchtwegaandoeningen. 

Voor zwangere vrouwen met onderliggende aandoeningen, zoals een verhoogde BMI voor de zwangerschap, een hoge bloeddruk, diabetes, enz. wordt deze vaccinatie extra aanbevolen. Dit is ook het geval wanneer er een verhoogd risico is op besmetting en infectie, zoals bij gezondheidswerkers. 

De Hoge Gezondheidsraad volgt het voorbeeld van de Belgian Society for Reproductive Medecine door een volledige vaccinatie tegen COVID-19 aan te bevelen voorafgaand aan medisch begeleide voortplanting (MBV). Op die manier benadrukt de Hoge Gezondheidsraad dat MBV geen contra-indicatie vormt voor vaccinatie tegen COVID-19 (https://bsrm.be/2021/01/28/revised-bsrm-position-statement-covid-19-vaccination-strategy/). 

Als je borstvoeding geeft, moet je je tegen COVID-19 laten vaccineren zodra je aan de beurt bent. Geen enkel COVID-19-vaccin dat momenteel goedgekeurd is, werd ontwikkeld op basis van een levend virus. Dit betekent dat je geen risico loopt om COVID-19 via moedermelk aan je baby door te geven. Na je vaccinatie kunnen de antistoffen die in je moedermelk aanwezig zijn zelfs bijdragen tot de bescherming van je kind (bron: Wereldgezondheidsorganisatie). 

Kan de vaccinatie tegen COVID-19 mijn vruchtbaarheid aantasten? 

Op dit moment zijn er geen aanwijzingen dat COVID-19-vaccins een nadelige invloed hebben op de vruchtbaarheid. Momenteel is er geen biologisch bewijs dat de aangemaakte antistoffen na de COVID-19-vaccinatie of bestanddelen van het vaccin problemen bij de voortplanting kunnen veroorzaken. Je laten vaccineren is het beste wat je kunt doen om jezelf en de toekomstige gezondheid van je baby te beschermen (bron: Wereldgezondheidsorganisatie). 

Kunnen COVID-19-vaccins de menstruatiecyclus verstoren? 

Deze kwestie wordt opgevolgd door het FAGG, dat meldingen heeft ontvangen van menstruatiestoornissen na de toediening van COVID-19-vaccins. De gemelde stoornissen houden verband met een verstoorde cyclus (langere of kortere cyclus, doorbraakbloedingen), veranderingen in de hoeveelheid bloedverlies (zwaardere of lichtere menstruatie) en postmenopauzaal bloedverlies. De overgrote meerderheid van deze bijwerkingen was niet ernstig en gaat vanzelf over. 

Deze kwestie wordt ook nauwlettend opgevolgd door het Risicobeoordelingscomité voor geneesmiddelenbewaking (PRAC) van Europa. Tot op heden kan er geen enkel oorzakelijk verband worden vastgesteld. Menstruatiestoornissen na vaccinatie tegen COVID-19 zullen ook in de toekomst op Europees niveau worden opgevolgd. 

Menstruatiestoornissen komen vaak voor en kunnen plotseling opkomen zonder dat er sprake is van een onderliggende medische aandoening. Ze kunnen optreden bij periodes van stress of vermoeidheid (bij examens, vertrek op vakantie, enz.) of worden veroorzaakt door ernstigere gezondheidsproblemen, zoals fibromen en endometriose. Bij onverwacht vaginaal bloedverlies of als u zich zorgen maakt over langdurige of ernstige menstruatiestoornissen wordt het aanbevolen contact op te nemen met een arts. 

Kan ik nog besmet worden of het virus overdragen als ik gevaccineerd ben? 

Uit de klinische proeven is gebleken dat alle COVID-19-vaccins die zijn goedgekeurd in Europa doeltreffend zijn tegen de ontwikkeling van symptomen, ernstige vormen van de ziekte en overlijden. Observatiestudies hebben vervolgens de doeltreffendheid van deze vaccins in werkelijke leefomstandigheden bevestigd. Over de doeltreffendheid van het vaccin op de overdracht van COVID-19 is er minder informatie beschikbaar. 

Sinds mei 2020 beschikt België echter over een systeem voor contactopvolging (‘tracing’) om de verspreiding van COVID-19 te beperken. De onderzoekers van Sciensano bestudeerden gegevens die tussen 25 januari 2021 en 24 juni 2021 werden verzameld. Aan de hand van die gegevens heeft Sciensano de bescherming door vaccinatie in geval van een hoogrisicocontact bestudeerd. Kortom is een persoon die volledig werd gevaccineerd met een vaccin dat in België beschikbaar is, zeer goed beschermd tegen een besmetting na een hoogrisicocontact. Bij contact met het virus is een gevaccineerde natuurlijk niet 100% beschermd, en kan hij dus symptomen ervaren, maar die blijven in de meeste gevallen mild tot matig. 

Bovendien stelde Sciensano vast dat het risico om het virus over te dragen kleiner is wanneer de besmette persoon gevaccineerd is, dan wanneer dat niet het geval is. Het is belangrijk te benadrukken dat de bescherming nog hoger is wanneer de twee personen die met elkaar in contact komen allebei gevaccineerd zijn. Dit betekent dat gevaccineerde personen bij contact minder risico lopen om elkaar te besmetten 

(bron: Braeye T, Cornelissen L, Catteau L, Haarhuis F, Proesmans K, De Ridder K, Djiena A, Mahieu R, De Leeuw F, Dreuw A, Hammami N, Quoilin S, Van Oyen H, Wyndham-Thomas C, Van Cauteren D. Vaccine effectiveness against infection and onwards transmission of COVID-19: Analysis of Belgian contact tracing data, January-June 2021. Vaccine. 2021 Sep 15;39(39):5456-5460. doi: 10.1016/j.vaccine.2021.08.060. Epub 2021 Aug 19. PMID: 34454789; PMCID: PMC8373820.). 

Zullen de preventiemaatregelen door de vaccinatie worden opgeheven?  

Vaccinatie is een van de meest doeltreffende middelen om je tegen COVID-19 te beschermen. Het blijft echter nog enige tijd noodzakelijk om de preventiemaatregelen en nodige voorzorgsmaatregelen na te leven (bijvoorbeeld ruimtes ventileren) en dit om verschillende redenen: 

  • Het vaccin beschermt niet onmiddellijk na zijn toediening. 
  • Niet de hele bevolking is gevaccineerd. 
  • De duur van de bescherming is nog niet wetenschappelijk vastgesteld. 
  • Hoewel de gevaccineerde persoon beter beschermd is, weet men nog niet in welke mate hij het virus nog kan overdragen op anderen die niet beschermd zijn. 

Is het vaccin risicovol of gevaarlijk voor adolescenten en jongvolwassenen? 

In België en Europa werden zeldzame gevallen van myocarditis en pericarditis gemeld bij jongeren na vaccinatie met een mRNA-vaccin. Deze gevallen doken vaker op bij jonge mannen (16-24 jaar) in de eerste dagen na de vaccinatie. Myocarditis en pericarditis zijn ontstekingen van het hart. De symptomen kunnen variëren, maar omvatten vaak kortademigheid, sterke hartkloppingen die onregelmatig kunnen zijn (palpitaties) en pijn op de borst. Deze symptomen treden gewoonlijk binnen een maand na de vaccinatie op en verdwijnen met de juiste conservatieve behandeling.  

Uit een Amerikaanse studie die werd uitgevoerd tussen maart 2020 en januari 2021 bleek echter dat het risico op myocarditis/pericarditis voor alle leeftijden zestien keer hoger is na een COVID-19-besmetting. Bij jongeren van 16 tot 39 jaar is dit risico zeven keer hoger bij besmetting dan bij vaccinatie (Boehmer et al. Association Between COVID-19 and Myocarditis Using Hospital-Based Administrative Data — United States, March 2020–January 2021, MMWR, September 3, 2021 / 70(35);1228–1232). Het risico op myocarditis/pericarditis is groter na een COVID-19-besmetting dan na de vaccinatie. 

Naar aanleiding van de uitgevoerde monitoring en geneesmiddelenbewaking werd voorzichtigheidshalve besloten het vaccin van Moderna niet als eerste vaccin toe te dienen aan personen jonger dan dertig jaar vanwege dit risico op myocarditis en pericarditis. Aangezien het risico lager is bij de boosterdosis, die half zo geconcentreerd is (50 µg) als de eerste dosissen (100 µg), kan de boosterdosis worden toegediend aan personen jonger dan dertig jaar.    
Het vaccin van Pfizer, dat een lager risico op myocarditis en pericarditis bij jongvolwassenen en adolescenten heeft, kan als eerste vaccinatie of als boosterdosis worden toegediend aan personen jonger dan dertig jaar.  

Is het vaccin halal/koosjer? 

Ja, de imams verklaarden in januari 2021 dat het vaccin halal was; de rabbijnen verklaarden het ook koosjer. 

Waarom raken mensen die gevaccineerd zijn toch besmet met COVID-19? 

Het maximale beschermingsniveau van de COVID-19-vaccins wordt pas enkele weken na de volledige vaccinatie bereikt. Als het vaccin in twee dosissen moet worden toegediend, betekent dit dat je je immuniteit pas twee tot vier weken na de tweede dosis zal hebben verworven. Gedurende deze tijd kan je nog steeds besmet raken en ziek worden. 

Hoewel COVID-19-vaccins zeer doeltreffend zijn om een ernstige vorm van de ziekte, ziekenhuisopname en overlijden te voorkomen, is geen enkel vaccin 100% doeltreffend. Als gevolg daarvan zullen enkele gevaccineerde personen toch COVID-19 oplopen en ziek worden, ook al zijn ze volledig gevaccineerd. Dat is een “besmetting ondanks een volledig vaccinatieschema”. Bij besmettelijke varianten van het virus, zoals de delta- of omikronvariant, worden meer besmettingen ondanks een volledig vaccinatieschema waargenomen. 

Besmettingen ondanks een volledig vaccinatieschema kunnen bij eender welk vaccin voorkomen en betekenen niet dat het vaccin ondoeltreffend is. Volgens de gegevens van de Amerikaanse CDC lopen niet-gevaccineerde personen elf keer meer risico om aan COVID-19 te overlijden dan gevaccineerde personen. Het is zeer waarschijnlijk dat mensen die COVID-19 hebben opgelopen na hun vaccinatie slechts milde symptomen zullen hebben. Het vaccin blijft zeer doeltreffend tegen een ernstige vorm van de ziekte en overlijden. Laat je vaccineren zodra je aan de beurt bent (bron: Wereldgezondheidsorganisatie). 

Waarom worden er nog steeds gevaccineerde mensen in het ziekenhuis opgenomen? 

Hoewel je niet 100% beschermd bent door de vaccinatie, ben je wel beschermd tegen ernstige vormen en de nasleep van de ziekte (“long covid”). Dat is toch bij de meeste mensen het geval. 

Ondanks de vele positieve gevallen helpt vaccinatie ons dus om het aantal ziekenhuisopnames veel lager te houden dan tijdens eerdere golven, toen er nog geen vaccin was. 

Zoals uit de volgende grafiek blijkt, neemt op 100.000 mensen die minstens 14 dagen volledig zijn gevaccineerd het risico op een ziekenhuisopname met 88% af per vaccinatie en op een opname op de afdeling intensieve zorgen met 93% per vaccinatie. 

(schéma)

Sommige dokters zijn het niet met elkaar eens.  Waarom? 

Er zijn een aantal punten in het beheer van een pandemie waarover de gegevens onvolledig zijn. Daarom worden ze op verschillende manieren geïnterpreteerd en ontstaan er verschillende uitgangspunten. Vaak gaan de grootste meningsverschillen over details. Bovendien weerspiegelen de reacties op crisissen van deze omvang onze visie op de samenleving. Dat zorgt ervoor dat de meningsverschillen niet gaan over de wetenschap, maar van ethische of maatschappelijke aard zijn. Tot slot zijn sommige artsen gewoon niet op de hoogte van de nieuwe wetenschappelijke kennis of zijn ze soms zelfs niet neutraal in hun betoog. 

Waar kan ik meer informatie vinden?  

Hier zijn enkele nuttige websites als je meer informatie wilt: